Declaratie van ozp-stollingsfactoren door niet-WBMV instellingen

De beroepsgroep heeft inzichtelijk gemaakt welke ozp-stollingsfactoren en indicaties als add-on gedeclareerd kunnen worden door niet-WBMV instellingen, bijvoorbeeld bij massaal bloedverlies.

In de NZa regelgeving is het volgende opgenomen (zie ook circulaire CI/17/10c):

Artikel 7a, lid 1, onderdeel c, van de beleidsregel Prestaties en tarieven medisch specialistische zorg (zoals deze luidt per 1-1-2018):

Een ozp-stollingsfactor is een overig zorgproduct, dat is gekoppeld aan een ZI-nummer. In hoofdstuk II van deze beleidsregel wordt het beleid met betrekking tot ozp-stollingsfactoren uiteen gezet.

In afwijking van de inwerkingtredingsdatum van deze beleidsregel, treedt de inhoud van lid 1, onderdeel c, van dit artikel met terugwerkende kracht in werking op 1 januari 2017.

Artikel 34a, lid 9, van de Regeling Medisch specialistische zorg (zoals deze luidt per 1-1-2018):

Alleen centra voor hemofiliebehandeling en aanverwante hemostaseziekten, die door de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport op grond van artikel 8 van de Wet op de bijzondere medische verrichtingen (Wbmv) als zodanig zijn aangewezen, kunnen ozp-stollingsfactoren voor hemofilie en aanverwante hemostaseziekten in rekening brengen. Bij de declaratie van ozp-stollingsfactoren voor overige indicaties geldt deze beperking van aangewezen centra niet. In afwijking van de inwerkingtredingsdatum van deze regeling, treedt de inhoud van lid 9 van dit artikel met terugwerkende kracht in werking op 1 januari 2017.

In de genoemde circulaire geeft de NZa tevens het volgende aan: ‘De NZa oordeelt overigens niet over wat wel en wat niet valt onder hemofiliebehandeling en aanverwante hemostaseziekten; dat valt buiten de bevoegdheden van de NZa’. De NZa doet dus geen uitspraak over of die zorg wel of niet onder de WBMV valt; de NZa volgt de uitspraak van de beroepsgroep. Bovenstaande regelgeving is tot stand gekomen in overleg met veldpartijen omdat er behoefte was om mogelijk te maken dat niet – WBMV centra stollingsfactoren kunnen declareren als het gaat om niet-WBMV zorg. Daarbij is vaak als voorbeeld aangedragen het toedienen van ozp-stollingsfactoren bij massaal bloedverlies op de OK.

In dit overzicht van Indicaties stollingsfactoren G-standaard juli 2017 – 280617 heeft de beroepsgroep inzichtelijk gemaakt welke indicaties niet vallen onder hemofilie en aanverwante hemostaseziekten (niet-WBMV). Als een niet-WBMV instelling een patiënt behandelt met een ozp-stollingsfactor voor een indicatie die niet valt onder hemofilie en aanverwante hemostaseziekten (de paarse indicaties in de bijlage), dan declareert de instelling de ozp-stollingsfactor en moet daarmee automatisch, vanwege het nieuwe beleid, aangeven voor welke indicatie de zorg is geleverd. Vóór 2017 maakten de kosten van deze zorg onderdeel uit van de dbc-zorgproducten. Daarmee is dit dus onderdeel van de schoning.

Als het een indicatie(code) betreft die wel onder de WBMV valt, dan mag de niet-WBMV instelling deze niet declareren (NZa volgt WBMV regelgeving).

Omdat de beroepsgroep concreet heeft gemaakt welke indicaties bij welke stofnamen wel en niet WBMV zijn, is het inzichtelijk geworden welke combinaties van ZI-nummers van ozp-stollingsfactoren en indicatiecodes niet vallen onder de WBMV (de paarse indicaties), zodat zorgverzekeraars in hun controle kunnen zien dat declaratie van deze combinaties toegestaan is bij niet-WBMV instellingen.

Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

Een reactie op Declaratie van ozp-stollingsfactoren door niet-WBMV instellingen

  1. Ilse van Oldeniel zegt:

    Ik vraag me af hoe het zit met de indicaties:

    572 Voor toepassing bij acute bloedingen, pré- en postoperatieve behandeling en profylaxe bij patiënten met hemofilie A (congenitale factor VIII-deficiëntie) en bij patiënten met een verworven verlaagde factor VIII-activiteit.

    573 Behandeling en profylaxe van bloedingen bij patiënten met hemofilie A (aangeboren factor VIII-deficiëntie).

    619 Preventie en behandeling van hemorragie of chirurgische bloeding bij de ziekte van Von Willebrand, wanneer behandeling met alleen desmopressine (DDAVP) niet effectief of gecontra-indiceerd is.

    Lijkt mij ook beide te gaan om een (acute) bloeding, maar zijn niet in het paars aangegeven in het document.

    Graag hoor ik,

    Groet,
    Ilse van Oldeniel

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s