Ozp stollingsfactoren

Het bestand 131 in de uitlevering van November bevat 1149 geneesmiddelen, 122 ozp stollingsfactoren en 9 middelen die zowel als geneesmiddel als stollingsfactor ingezet kunnen worden. In dit artikel wordt het verschil tussen deze categorieën toegelicht, en wat dit betekent in bijvoorbeeld het declaratieverkeer. Ook is er een fout in bestand 131 geslopen, die waarschijnlijk vooral voor ICT leveranciers relevant is en die voor deze keer eventueel eenvoudig door u zelf hersteld kan worden.

 

Toelichting op soorten producten

Het bestand 131 in de uitlevering van November bevat 1149 geneesmiddelen, 122 ozp stollingsfactoren en 9 middelen die zowel als geneesmiddel als stollingsfactor ingezet kunnen worden. Het onderscheid tussen deze categorieën is vastgelegd in het veld ‘supsrt’, soort supplementair product.

Supsrt Aantal van supsrt
1 1149
2 123
3 8
Eindtotaal 1280

De geneesmiddelen vallen in supsrt 1, die hoeven verder geen toelichting.

Ozp stollingsfactoren (supsrt 2) worden vooral gebruikt bij bloedziekten als hemofilie. Over het algemeen kunnen dus alleen de zogenaamde WBMV instellingen (hemofiliecentra) dergelijke producten voorschrijven en declareren. De uitzondering op deze regel is ozp-stollingsfactor Haemocomplettan P (humaan fibrinogeen). Dit artikel kan met ingang van 1 januari 2017 door een WBMV instelling worden gedeclareerd voor de off-label indicatie ‘Massaal bloedverlies na trauma, bij grote operatieve ingreep of postpartum’, waarbij geldt dat dit kan worden ingezet bij iedere zorginstelling. Voor alle ozp stollingsfactoren geldt dat het niet verplicht is in het declaratiebericht een zorgtrajectnummer mee te leveren.

En dan zijn er 8 consumentenartikelen (allen betreffende Mabthera) die zowel ingezet kunnen worden als geneesmiddel of als ozp stollingsfactor. Per vertrekking/toediening zal geregistreerd moeten worden of er sprake was van gebruik als geneesmiddel, of als stollingsfactor, omdat in de declaratie de ‘soort geneesmiddel’ meegegeven moet worden (veld 0424, daarin kan alleen 01 of 02 ingevuld worden).

 

Fout in de uitlevering van 15 november 2016

In bestand 131 in de G-standaard van 15 november 2016 is een fout geslopen. Categorie stollingsfactor (‘supsrt 2’) en beide (‘supsrt3’) zijn omgedraaid. Alle Mabthera-producten zijn ten onrechte voorzien van een waarde 2 (stollingsfactor). De stollingsfactoren zijn nu onterecht voorzien van een waarde 3 (zowel add-on geneesmiddel als stollingsfactor). Uitzondering hierop betreft Factor X P Behring, deze is voorzien van een juiste waarde 2 (stollingsfactor).

Bestand 131 en het historisch maatwerkbestand zullen hierop gecorrigeerd zijn met de uitlevering in december. De bestaande tabellen kunnen gewoon gebruikt worden voor testdoeleinden. Als u zelf deze fout wilt herstellen kan in het bestand elke code 3 voor 2 vervangen (m.u.v. Factor X P Behring) worden en vice versa. De ICT leveranciers worden hierover apart geïnformeerd.

Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

2 reacties op Ozp stollingsfactoren

  1. Jan Willem Douma zegt:

    De volgende zin:

    Dit artikel kan met ingang van 1 januari 2017 door een WBMV instelling worden gedeclareerd voor de off-label indicatie ‘Massaal bloedverlies na trauma, bij grote operatieve ingreep of postpartum’, waarbij geldt dat dit kan worden ingezet bij iedere zorginstelling.

    Hoe moet ik deze lezen. Kan een perifeer ziekenhuis het wel gebruiken, maar een WBMV instelling mag alleen declareren bij de zorgverzekeraar?

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s